Hoe gaat dat in de praktijk als u een psychische aandoening hebt? Wat betekent dat voor uw dagelijks leven? Wat zijn de gevolgen voor familie, werk, school, relatie, vrienden, enzovoorts. Hier vindt u een aantal praktijkvoorbeelden van patienten van GGZ Midden-Brabant. De verhalen zijn aan de werkelijkheid ontleent. De persoonlijke gegevens zijn uit oogpunt van privacy onherkenbaar gemaakt. Vanuit ieder praktijkvoorbeeld kunt u doorklikken naar een pagina met uitleg over de beschreven psychische aandoening. En andersom.
Jenny maakt zich steeds meer zorgen over haar vader. Onlangs vierde hij zijn 75e verjaardag. Jenny loopt er steeds vaker tegen aan dat haar vader dingen vergeet. Zo noemde hij haar gisteren Els. Dat was een rare gewaarwording, want de naam van Jennys moeder is Els, maar die is al 10 jaar geleden overleden.
lees verder
Cathie woont met haar zoontje Jan bij haar ouders. Ze durft het huis niet uit en is liever ook niet alleen thuis. In het afgelopen jaar is ze alleen buitenshuis geweest voor een bezoek aan de tandarts en toen Jan in het ziekenhuis lag. Buiten krijgt ze na een paar stappen al last van benauwdheid, hartkloppingen en duizeligheid. Als ze daaraan denkt raakt ze al in paniek.
lees verder
Al gedurende mijn hele leven heb ik veel moeite gehad met het aangaan en onderhouden van sociale contacten (vooral vriendschappen). Al vanaf mijn 18e heb ik voornamelijk hiervoor diverse professionele contacten gehad, maar steeds slaagde men er niet in een juiste diagnose te stellen, aan de hand waarmee men deze en andere problemen kon verklaren dan wel behandelen.
lees verder
In uw omgeving woont een autistisch kind. Wat merkt u daar nu van?
Als er een autistisch kind bij u in de omgeving woont, is het eigenaardige gedrag u misschien opgevallen. Zo kunt u hem of haar overdreven zien springen of rondfladderen. Of doordringend en meer dan anderen horen schreeuwen. Misschien komt hij bij u langs en stelt vreemde vragen. Het kan ook zijn dat u er niet zoveel aan merkt. Dit kan omdat sommigen erg stil en teruggetrokken zijn. Vaak ook houden ouders drukke kinderen binnen uit angst voor overlast.
lees verder
"Mijn wereld stortte in toen de diagnose Manisch Depressief gesteld werd. John is 46. Begin jaren negentig kwam hij, niet voor de eerste keer, thuis te zitten van zijn werk. Men dacht dat het weer een burnout was, maar een onafhankelijke psychiater stelde uiteindelijk vast dat ik aan de manisch depressieve stoornis (MDS) leed. Dit is een verhaal over het leven van een echtgenoot en vader van drie kinderen.
lees verder
Een bezoek aan de huisarts is gewenst als u bij uzelf of een ander abnormale vergeetachtigheid of een duidelijke verstoring van het dagelijkse leven ziet. Abnormale vergeetachtigheid kan zich op vele manieren uiten. Het onthouden van namen, adressen en telefoonnummers gaat achteruit, men kan de weg niet meer vinden, raakt dingen kwijt, vergeet het licht of gas uit te doen of kan niet meer goed met geld omgaan.
lees verder
Mevrouw moet twaalf keer achter elkaar stofzuigen. Mevrouw ziet het niet meer zitten: "Iedere dag weer vechten en ik heb het gevoel dat het maar niet beter gaat. Ik weet zelf heus wel dat het allemaal onzinnig is wat ik doe: twaalf keer achter elkaar stofzuigen, vier keer de afwas.... Maar ik kn het niet laten!" Mevrouw heeft last van dwanghandelingen. Ze voelt een sterke impuls om bepaalde dingen vaak te herhalen. Ze heeft het gevoel daar geen invloed op te hebben.
lees verder
Claudia heeft hypochondrie. Ze is enorm bang om een enge ziekte te krijgen. Ze is ervan overtuigd dat ze zal overlijden aan een vaatziekte. Dit gevoel heeft ze zeker zon drie maal per dag. Typerend voor mensen met hypochondrie is dat ze bevestiging bij anderen zoeken. Voordat Claudia medicijnen kreeg, was ze bijna dagelijks bij haar huisarts te vinden. Dat was een heel fijne, want hij legde haar altijd uit dat ze geen nekkramp, trombose etc. had.
lees verder
Theo zal het nooit vergeten. Een zondagmiddag. Hij rijdt naar huis met zijn vrouw en hun twee kinderen van vier en zes jaar oud. Ze komen van de camping. Onderweg is de auto in de berm beland en tegen een boom tot stilstand gekomen. Hoe het gebeurd is, weet Theo niet. Hij heeft wanhopig aan het stuur gerukt en hoorde zijn vrouw gillen van paniek. Toen werd het stil. Na drie weken op de Intensive Care hoort Theo dat hij als enige het ongeluk heeft overleefd.
lees verder
Jan woont op kamers en studeert wiskunde. Het gaat niet zo goed met hem. Meestal trekt hij zich terug in zijn kamer, hij mist alle introductieprogrammas en komt bijna nooit op de faculteit. Jan denkt dat hij een bijzondere ontdekking op het spoor is, die de definitieve brug kan slaan tussen de natuurkunde en de wiskunde. Hij is zo bezig met deze gedachte, dat hij zichzelf verwaarloost. Eten en zijn kamer opruimen doet hij nauwelijks en ook slapen gaat steeds moeilijker.
lees verder